Home Info Rebellion Media Contact Links Sponsoring
  Logboek Foto's

Interviews

   
LOGBOEK 2007: Januari - Maart

 

Village

 

1 & 2 januari 20077

Vandaag zou er een andere vriend langskomen op de boot, om 17:00. Ook hij komt niet en Laure zweert nooit meer een afspraak met Afrikanen te maken. Later bleek hij 2 uur op ons gewacht te hebben in de club, terwijl we toch echt op de boot hadden afgesproken. We beginnen de boot voor te bereiden, voedsel en water in te slaan, voor de trip naar het zuiden en Brazilië. We monteren de Navik en gaan lunchen met Jaques.

3 Januari

Naar de stad, uitklaren en nog een keer naar het postkantoor om te kijken of Laure's pakketje al is gearriveerd. Een half uur zoeken en bellen levert niets op. We missen de bus en lopen terug naar de club, wat een smerige stad, hier komen we voorlopig niet meer terug.

4 Januari

04:00 gaat de wekker. We hijsen het grootzeil en halen het anker op, ik schat de wind verkeerd in en we komen heel dicht bij een ander jacht, shit afvallen, schoot vieren, nee we halen het wel, schoot weer aanhalen, we passeren zijn ankerketting op 30 cm. Zo nu zijn we wakker! Heerlijk in het donker wegzeilen, de boot was al voorbereid en we hadden nog geen vijf minuten nodig. We vliegen naar het zuiden. Met halve wind weten we een gemiddelde van 5.8 knoop te behouden tot de wind afsterft rond een uur of vier in de middag. Met de Gennaker behouden we koers met 2 knoop. Later in de avond is de wind terug en racen we verder, met een aflandige wind is het super zeilen, veel wind geen golven.
Laure

5 Januari

Om 700 komen we aan bij de eerste boei, een oorlogsschip gaat ons voor, we draaien na drie boeien de vaargeul in, varen aan de wind met enorme grondzeeën. Ondieptes overal, na boei zes komt boei zes!! Boei acht nergens te bekennen, de kaart is uit 1977, en het is allemaal iets te spannend. De dieptemeter houden we scherp in de gaten, aan stuurboord geen boeien, maar daar ligt een verroest wrak om ons de weg te wijzen. Eenmaal achter de zandbanken denken we erdoorheen te zijn, maar het waait nog steeds hard (6 bft) geen tijd om te reven, zijn te druk met kruisen, alles is nat. Dan zien we een boot naar buiten varen het is de Julo, we passeren elkaar zo dicht mogelijk en schreeuwen elkaar de beste wensen toe. Laure is helemaal happy, haar vrienden te zien. Pas 5 mijl de rivier op wordt het rustiger. We reven en zeilen verder, we willen zover mogelijk de rivier op voordat het tij keert. Gelukkig word het steeds beter en komen we steeds meer mensen en dolfijnen tegen, het is heel gaaf, de Casamance is een soort Biesbosch. We blijven kruisen, en beginnen steeds meer te relaxen, ik hou de kaart (die opvallend nauwkeurig is) scherp in de gaten. Op een goed moment eten we een grapefruit, en Laure vraagt moeten we niet eens overstag, nee pas 200 meter van de kant, ik ga nog eens op de kaart kijken, toen liep de boot op de zandbank. De bomen bleken bosjes en de kleurverandering zagen we niet doordat de zon recht in onze smoel scheen. We proberen de boot los te krijgen, zet Laure op het eind van de giek om de boot scheef te trekken maar met geen resultaat.
Snel rekenen. Hoog water, een lichte paniek overvalt me, shit het is springtij! Ik probeer Laure zo luchtig mogelijk te vertellen dat we 2 weken moeten wachten, tot het water weer hoog genoeg is. Het water daalt en daalt. Ik reken en reken, en heb al snel het idee dat er niets van de getijgegevens klopt. Dat zou mazzel zijn. We brengen alvast twee ankers uit aan 150 meter lijn. Vissers in een boomkano passeren en bevestigen de foute gegevens, we liepen aan de grond 3 uur na hoog water. Snel aan de slag. We hangen 140 liter water aan het eind van de giek. En brengen een blok naar de top van de mast. In wezen stijgt het water nog 50 cm. De dieptemeter geeft 60cm weer. Dat is niet genoeg! Het is ondertussen pikkedonker en we wachten, het water stijgt langzaam, maar de boot blijft moervast in het zand. We beginnen de boot scheef te trekken met de lijn via het blok in de top van de mast. Met z'n tweeën op de lier, scheef, schever, scheefst. Hij beweegt!! We trekken de boot dwars van de zandbank. En laten het anker in drie meter vallen. De 150 meter polypropyleen, gaat over boord, en drijft weg, in het pikkedonker kunnen we hem niet meer vinden.
 

6 Januari

We wachten tot de ochtend en vinden onze ankers terug. We zoeken een rustig riviertje waar we gaan opruimen, schoonmaken en slapen want we zijn doodmoe, Laure is helemaal blij als ze flamingo's en Pelikanen ziet. Ze wordt boos op me omdat ik niet zo enthousiast bent. "Heb je wel eens eerder Flamingo's gezien", ja "waar dan?" In de dierentuin! "Dat telt niet!" Hoezo, zelfde vogel toch, laat maar.
Laure in de modder
Pirogue
[Top]
 

7 Januari

We zeilen de rivier op naar Ziguinchor, fantastisch, overal vissers in pirogues (bootjes) en uitgeholde boomstammen. Mangrove afgewisseld met palmbomen. Super. Laure word weer iets te enthousiast als we dolfijnen zien, valt gelijk af en ik moet fotograferen, maar in de smalle rivieren met de zandbanken heb ik wel wat anders aan mijn hoofd. De dieptecontouren zijn zo bizar, midden in de rivier zandbanken en 15 meter diepte op een meter van de kant. Een groot jacht passeert ons en ik moet hem bijhouden natuurlijk. Laure beschuldigt me van macho gedrag. Ik uitleggen dat hij alleen sneller is vanwege zijn 12 meter waterlijn. Maar wij zeilen veel beter!! Ik weet zeker dat we hem kunnen bijhouden. Uit protest valt ze nog even 10 graden af. Later in Ziguinchor komt de schipper ons complimenteren op ons goede zeilen. Hij is charterschipper en vaart al 8 jaar op de rivier. Het ankeren in Ziguinchor gaat helemaal mis. Ik wil eens proberen om voor de wind te ankeren. Het anker valt en ik draai de boot in de wind maar hij wil niet. De stroom is sterker dan de wind. Snel trekken we het grootzeil naar beneden. Wat een afgang. s'Avonds eten we op de Bluevic uit Basel.

Flamingoos

 

8 - 10 Januari

Drie dagen relaxen. Ziguinchor is heet en stoffig, maar veel beter dan Dakar. Eigenlijk hadden we hier veel eerder moeten komen. Langs de waterkant bevind zich een hotel en de zeilers mogen gebruik maken van de faciliteiten. Een zwembad, restaurant en internet. Het hotel heeft verder een prachtige tuin. Je parkeert je bijboot aan de privé-steiger en je bevind je in een soort vakantieparadijs. Het moment dat je echter voet buiten de poort zet is dat afgelopen, je stapt zo in een andere wereld.
Met Daniel en Nina, onze Belgische vrienden, gaan we naar de versmarkt aan de andere kant van het stadje. Ze zijn hier per motor naartoe gekomen en gaan nu met een Zwitserse Colin Archer naar Brazilië. Daniel is echter al een paar dagen koortsig en gaat naar het ziekenhuis voor een bloedprik, waaruit blijkt dat hij wederom malaria heeft. Toch huppelt hij de hele dag rond, malaria is blijkbaar vaak niet meer als een verkoudheid. Of zijn de Belgen echt zo dapper? Verder maken we vrienden met Renan en Katel van de Coriana een 10 meter stalen boot, ze zijn hier al drie jaar en gaan iedere zomer terug naar Frankrijk om te werken. Elke avond komen we samen en eten kilo's verse garnalen, ze leven nog als je ze koopt voor drie euro per kilo!! Heerlijk.
's Avonds gaan we naar een live optreden, maar er zijn heel weinig taxi's want er is even geen brandstof in het stadje! Als we eenmaal aankomen, is de beste act al bijna voorbij. Wel heel mooi wat we nog meemaakte, toen kwam de volgende band. Een reggae band, het was meer toneel als muziek, playback en veel vlagvertoon. Het was leuk voor even, maar toen werden de Bobs heel vervelend, gelukkig dacht ik er niet alleen zo over, en tien minuten later staan alle zeilers weer buiten.
Ons toilet is kapot, echt kapot, "beyond repair" zeg maar. Ik wist dat dat een keer ging gebeuren, een fatsoenlijk toilet kon ik niet betalen. Nu moeten we verder met een emmer. Gelukkig hebben ze hier geen toiletten en poept de halve bevolking op een speciale emmer.
We kopen dus een Afrikaanse poepemmer, een groene. Wel even wennen. Laure doet er niet moeilijk over en ik realiseer me wederom hoe goed ik het heb getroffen met haar.
De tiende gaan we uitklaren. We worden weer eens heen en weer gestuurd. Immigratie stuurt ons door naar havenkantoor en daar sturen ze ons door naar immigratie. Alle zeilers doen die dag de vierdaagse training. Iedere keer zijn de regels weer anders. Uiteindelijk hebben we een stempel en bekijken ze het allemaal maar.

 
Toiletemmer

11 Januari

De Coriana had gevraagd of we samen wilden zeilen. Dat is erg populair onder Fransen. Met een paar boten van plek naar plek. Van ons hoef dat dus niet. Lekker onze eigen weg gaan, veel beter! Maar aangezien we allebei naar hetzelfde dorp willen, stellen we voor om dan in ieder geval samen de rivier af te varen. Hier hebben we al snel spijt van want die boot van hun is zooooooo traaaaaaaag! Veel aangroei en gebrek aan lichtweer zeilen. We laten af en toe het voorzeil zakken om ze een kans te geven ons in te halen. We zeilen de hele dag inclusief de hele smalle rivier op naar Niomoune.
Niomoune is de meest populaire ankerplaats, al snel komen we er achter waarom. De schoonheid, de mensen? Nee er is een café. En waar Pastis en Bier genuttigd kan worden, vind men de boten. Triest eigenlijk. Vaar je duizenden mijlen van huis, ga je met landgenoten je dagen aan de tap slijten. Vele boten zijn hier al jaren.
 

12 Januari

Vandaag op ontdekking in het dorp. Overal lopen beesten rond. Overal zijn vrouwen hard aan het werk en mannen zitten te kletsen. Ik zeg tegen Laure "In Afrika werken de vrouwen en krabben de mannen aan hun ballen. "Oh dus net als aan boord, hihi". Ja grappig hoor.
Comment tu t'appelles, Comment tu t'appelles, foto, foto. Alle kinderen willen op de foto en onze naam weten. Een jongen klimt een Boabab boom en plukt een vrucht (monkeybread) voor ons. We gaan er bouye van maken, een populair drankje, goed tegen diarree. Het is bloedheet en doen het rustig aan.
 
Casamance

 

13 Januarii

We worden wakker door de wasvrouwen aan de oever, die kletsen aan een stuk door de hele dag. We willen vertrekken, Laure gaat wat brood zoeken, en ik ruim op. Een meisje helpt Laure met zoeken. Bij de bakker aangekomen moet Laure alleen naar binnen want het meisje is ongesteld en als ze naar binnen gaat zal ze sterven! Er zijn veel bijzondere regels en gewoontes in dit dorp, maar om die te begrijpen moet je er heel lang blijven. Christendom gemengd met Animisme. Bij de derde en laatste bakker vind ze nog twee broden. We zeilen weg maar al gauw komt de wind van voren en de rivier is te small om te kruisen. Op de motor varen we de hele rivier op. Meerdere malen lopen we vast maar komen steeds weer los. Nemen een verkeerde afslag, en moeten de boot draaien maar de rivier is smaller dan de boot lang is en we moeten doorgaan tot er een verbreding is. Het mooie van hier varen is dat je overal je anker kan laten vallen en gaan overnachten. Dus als je er geen zin meer in heb stop je gewoon. Bij de monding aan een grotere rivier stoppen we, genoeg motorherrie voor een dag. We zwemmen en kijken een filmpje.

14 Januari

Vandaag hebben we twee opties: 5 mijl motoren in de smalle rivier of 15 mijl zeilen in de brede. We kiezen voor de brede. Heerlijk. De kaart geeft geen dieptes meer aan hier en we varen met een scherp oog op de dieptemeter. In de passage tussen de Diouloulou en de Inifouk rivier lopen we weer op een zandbank. Met grof motorgeweld duwen we de kiel door de zachte bodem, en zeilen verder. We hebben vandaag het paradijs weer voor ons alleen, af en toe een nederzetting met rieten hutjes en boomkano's. Verder veel dolfijnen en flamingo's. Bij Kalisseye aangekomen gooien we ons anker uit voor het strand. Het is hier te gek. Net een ansichtkaart, witte stranden en palmbomen.
verdwaald

stieren

 
Assims House

15 Januari

We gaan aan land en ontmoeten de visser Assim. Hij neemt ons mee naar het dorp. Twintig hutjes gemaakt van palmbladen. We vragen hoe we aan de oceaankant komen. Hij brengt ons erheen, want vandaag heeft ie genoeg gevangen. We lopen door het bos dat niet erg dichtbegroeid is, erg zanderig en hier en daar wat velden waar gewassen worden verbouwd. Voornamelijk rijst en marihuana. Dan zien we de oceaan weer. Heel kalm, heel mooi. Kilometers perfect strand waar je geen mens tegenkomt, alleen maar vogels en stieren. De stieren zijn niet welkom in het dorp en leven op het strand. Daarna worden we uitgenodigd voor eten. Zijn huis bestaat uit een palmbladen omheining met erin kippen en een groot rookrek voor de vis, een hoekje om te douchen en een hut waar ze slapen. Zijn grootste bezit is een radiootje. Maar hier heb je verdomd weinig nodig. Een mes, een muggennet en een pan. We eten rijst en vis, hun dagelijkse kost.

 

16 Januari

Laure gaat naar het dorp voor brood en een cursus bissap maken, (sapje van gedroogde rode bloemen) want dat wil nog niet zo lukken. Voor het brood moet de broodverkoper iedere ochtend 14 km lopen. We voelen ons bijna schuldig maar hij doet het bijna dagelijks. Laure komt terug met Assim in zijn zeven meter lange boomkano. Ze gaan Pelikanen zoeken want daar is Laure gek op. Ik ga mee. Met een plastic zak als zeil en de stroom mee, varen we snel de rivier af. We gaan naar een zandbank voor de kust waar honderden van die beesten vertoeven. Het is weer sprookjesachtig mooi. Af en toe denken we dat we alleen op de aarde zijn, dit is ons universum. Terug gaat wat lastiger want we moeten peddelen.

17 Januari

Beetje klussen vandaag. We wachten op de kentering van het tij om het water in te duiken en het onderwaterschip te schrobben. De laatste keer was op de Kaap Verden meer dan een maand geleden. De aangroei valt mee en binnen een kwartier is het weer schoon.
We eten weer bij Assim, (rijst en schelpdieren).

 

18 Januari

Vandaag wilden we verder trekken maar Laure voelt zich koortsig. Dus stellen we het vertrek nog een dagje uit. Ik peddel naar het dorp om ons bestelde brood op te halen. Het is druk, vier vreemdelingen, ze komen uit Gambia dus spreken engels. Ik vraag aan een van die gasten wat ze hier doen, en hij zegt vis kopen. Ja natuurlijk, helemaal uit Gambia om vis te kopen, zeker die vis die daar achter in het bos groeit! Hij begint nerveus te lachen, ahh do you smoke? We kletsen wat. Als ik vertel dat ik uit Nederland kom is het helemaal goed, want overal ter wereld weten ze dat hasj in Nederland volstrekt legaal is. Ik doe geen moeite om hem ons gedoogbeleid uit te leggen. Iedereen moet tenslotte een Utopia hebben. Later bel ik mijn moeder die vandaag jarig is. Het stormt in Nederland. Verder wilt ze met Leo naar Brazilië komen, gelukkig begrijpt mijn moeder me beter dan mijn vrienden, ze vraagt geen aankomstdatum maar zegt "mail me als je er bent".

[Top]
 

19 Januari

We peddelen naar het dorp om afscheid te nemen van Assim. We drinken nog een keer thee (60% suiker, 30% water en 10% thee). Niet zo verstandig op een nuchtere maag. Misselijk schudden we elkaar de hand. We zeilen weg en hebben wind en stroom tegen. Na twee mijl, draaien we een andere rivier in, de stroom is nu mee en de wind gaat liggen, motoren dus. Al geruime tijd wordt er geschreeuwd en gezwaaid vanaf het strand. Als we dichter bijkomen zien we drie vrouwen. Ze willen een lift, we gooien het anker uit en halen ze op met de zodiac. Ze komen uit Gambia en gaan op familiebezoek. Ze zijn echter verdwaald, ze liepen vast in het bos en zijn bang voor de leeuwen (die hier overigens helemaal niet rondlopen). Iets verder op is een huis waar ze heen willen. Afijn, drie vrouwen een baby en bagage in de kuip Laure op het voordek en ik sturen. Blijkt er is dus helemaal geen huis te zijn, dan bedenkt een van de vrouwen dat het de zijrivier moet zijn die we gepasseerd zijn. Ik draai de boot om, de vrouwen bekvechten over de exacte locatie, de zijrivier is te ondiep en we lopen vast. In zijn achteruit komen we gelukkig gelijk weer vrij. Nu moeten ze toch echt beslissen, waar ik ze moet afzetten, beschaamd vragen ze ons hun terug te brengen waar we ze opgepikt hebben. Een uur later zetten we ze weer af op dezelfde plek, ik zeg dat ze het strand moeten aflopen naar het dorp en daar opnieuw de weg te vragen. Ik vul hun waterfles en zwaai ze uit.
Als we de motor starten komt de lijn van de dinghy in de schroef en breekt. De Zodiac begint weg te drijven richting zandbank, Laure bedenkt zich geen minuut, kleed zich uit en duikt het water in. Nieuwe knoop en verder.
Handstand
Met de stroom mee varen we snel de rivier af. En om vier uur zien we de zee weer, we gooien ons anker uit en gaan op ontdekking. We ontmoeten Jean en zijn vrouw Madelaine, zij zijn met hun familie de enige bewoners aan deze kust. Jean moet naar Ziguinchor, vanaf de overkant moet hij kilometers lopen tot de grote rivier waar hij met een Pirogue mee kan varen. We besluiten te helpen, met z'n vieren in de boomkano steken we de rivier over. Terug nodigt Madelaine ons uit om morgen langs te komen. We rennen langs het strand en doen een wedstrijdje rare beesten zoeken, ik vind de grootste schelpdieren, dan vind Laure afdrukken van apen en we besluiten ze morgen te gaan zoeken. Dan doen we een wedstrijdje op ons hoofd staan. Zwemmen, eten en slapen.

 

20 Januari

We gaan naar het huis van Madelaine, ze woont met haar moeder en schoonmoeder en drie jongste kinderen, de vier oudste wonen bij familie in een dorp met een school. Verder kippen, varkens, geiten en koeien. Ze neemt ons mee op zoek naar de apen, helaas vinden we ze niet. Laure gaat naar het strand om brood te bakken. Ons fornuisbrandstof (spiritus) is bijna op. Dus moeten we allemaal manieren bedenken om brandstof te besparen. Een daarvan is koken op open vuur.
Na onze maaltijd, begraven we de gloeiende as met in alufolie gewikkeld deeg in een kuil. Dit moet morgenochtend dan vers brood opleveren. Aangezien er nogal wat zwijnen door het bos lopen, besluit Laure op het strand te slapen om het brood te bewaken.

 

21 Januari

Laure heeft slecht geslapen, een groot varken heeft haar de hele nacht gezelschap gehouden, "Wat dat betreft leek het alsof ze aan boord was!". Haha, grappig hoor. Het brood was erg lekker. De rest van de dag doen we niets.

 

22 Januari

We staan vroeg op en gaan op ontdekking. Uren struinen we door de bush op zoek naar die verdomde apen, maar weer laten ze zich niet zien. Wel veel flamingos, lepelaars, pelikanen, ijsvogels, gieren, witte reigers en een hoop beesten waar ik de naam niet van weet.

 
Zonsondergang


Laure knipt mijn haar op het strand, daar is ze niet zo heel goed in, grote happen in mijn kapsel. Maar we gaan de oceaan oversteken dus wie ziet me? We zeggen tot ziens tegen Madelaine, ze vraagt of we volgend jaar terug komen. Ik zeg misschien over tien jaar.
 
Schoonmaken
 

23 Januari

Met een rijzend tij verlaten we de ankerplaats. We gaan terug naar Ziguinchor, maar willen binnendoor. Hier is echter geen info over. De rivieren zijn erg ondiep, toch willen we het proberen. Al snel lopen we aan de grond, muurvast. Nu stijgt het water dus hebben we slecht geduld nodig. Een vissersboot komt langs ze vragen wat brood. Vier stuks vers brood met chocopasta. Alstublieft. Een uur later komen we vrij. Vanaf nu peddelt Laure in de kayak voor de boot uit om de diepte te peilen met de peddel. Een uur later weer vast (mijn schuld), het ziet er slecht uit. Muurvast in hard zand, ik duik om te kijken of ik een kanaal kan graven want het is bijna hoogwater, gelukkig stijgt het nog voldoende (paar cm). We varen een andere rivier in na een vierweg splitsing, en het mysterieuze getij dat hier heerst heeft weer iets mafs in petto. Twee tot drie uur tijverschil over een halve km! We zitten nu zo'n beetje in het midden van het rivierenstelsel. Even ver naar zee links en rechts om! Sommige rivieren stromen noord, sommige zuid! Bij een ondiepte gooi ik het anker uit terwijl Laure de doorgang zoekt. Het duurt echter zolang dat het water zover zakt dat de boot vast komt. Langzaam valt hij droog. Het water zakt en zakt en zakt. We kunnen niets doen. Bij 45 graden helling blijft de boot liggen. Het water zakt nog verder tot 10 cm diepte. In de boot hebben we niets te zoeken. Ik warm een geweckt goedje op in de bijboot, deze had ik gekregen van de Fuga (ander klein bootje) voor een speciaal moment. Jesus wat lekker voer, ik wil ook een Indonesische vrouw! We proberen te slapen.
Scouting

24 Januari

Een uur s'nacht, hoogwater wegwezen. We trekken de boot 30 meter verderop in dieper water en gaan weer naar bed. Om 9:30 stuur ik de boot achter Laure aan die weer in de kayak zit. We gaan erg vlot, en lopen niet meer aan de grond. Af en toe bijna, maar naast me in de kuip heb ik nu het hekanker klaarliggen. Als Laure het teken geef, gooi ik het anker direct in het water. Loop naar voren voor het boeganker en lig dan stevig geparkeerd. Als we de grote rivier bereiken (5.5 km breed), kunnen we de zeilen hijsen. Dat duurt helaas niet lang. Op de motor varen we naar Ponta. Een verlaten hotel siert de oever. Tien jaar geleden was hier een Club Med vestiging, toen kwamen de rebellen, schoten een paar mensen dood en sindsdien is er niemand. Ik kook, want Laure had geen zin. Ik vergeet het eten te laten mislukken, en nu weet ze dat ik het ook kan, shit!

 

25 Januari

Met de stroom mee naar Zinguichor. Weinig tot geen wind, dus voornamelijk motoren. We komen wat bekenden tegen en kletsen onder het genot van een koud drankje. Dan check ik mijn mail, triest bericht, een kameraad is overleden. Ik wist dat hij erg ziek was, maar toch komt het als een schok. Mijn avond is verpest. We gaan uit eten, het is lekker, friet met biefstuk. Het restaurant zit vol met (dikke) oude blanke mannen met jonge Senegalese vrouwen/meisjes. Wat een viespeuken, ik wil ze in hun bek kotsen maar houd me in. Laure doet haar best om me wat op te vrolijken. Ik denk aan Richard, en aan alle gekke avonturen die we samen hebben meegemaakt.
 

26 - 29 Januari

Terug in Ziquinchor, bunkeren. We kopen drie dozen chocoldebars (een soort Nuts zonder noten). We besluiten de hogedrukpan te verkopen want die we hebben is ongeschikt, Laure is twee dagen de hele stad aan het doorstruinen met de tefalpan. Ze ontmoet vele mensen en beleeft allerlei avonturen maar niemand heeft hier geld. Bij toeval verkoopt ze hem uiteindelijk aan de moeder van een Libanese winkelier. Er vaart een Pogo850 de ankerplaats op en ik moet even nieuwe vrienden maken. Dit is mijn droomboot en naar mijn mening een ideale cruiseboot. Leuk om dat bevestigd te krijgen. Ik krijg een uitgebreide tour.</ br> We ontmoeten weer bekenden uit Dakar, een Frans echtpaar met twee kleine meisjes. Hij is 35 en gepensioneerd (leger). Nu heeft hij alle tijd van de wereld om zijn dochters fatsoenlijk op te voeden.

30 Januari

Vertrek uit Ziguinchor. Erg weinig wind, traag, later gaat de wind helemaal liggen. We starten de motor. We zijn er van overtuigd dat we de wind niet meer zien vandaag, dan begint het opeens uit het niets hard te waaien. Bovendien recht in onze smoel. Reven en kruisen. We gaan weer ankeren bij Ponta want verder komen we vandaag niet. Daar ligt ook de Pogo. We worden uitgenodigd voor pasta. Denis (de schipper) vertelt over zijn doublehanded Atlantische cirkel met een Pogo 40, wauw! Plus 20 knopen. Dat niet iedereen met geld zo'n boot koopt zal ik nooit begrijpen. Want wat een dure …boten varen er rond, als je geld hebt koop je toch iets fatsoenlijks.

31 Januari

Vandaag de ergste dag van de reis, alles lijkt fout te gaan. Vanochtend is de Pogo vertrokken nadat hij meerdere keren had gepoogd te herankeren. Het woei nog erg hard. Half uur later vertrekken wij. Omdat ik eigenwijs ben en alles onder zeil wilt doen lag de boot bijna op het strand. Laure kreeg het anker niet getild. Ik helpen, toen was hij opeens boven en had ik geen tijd meer om het grootzeil uit te duwen. Draaien dus de verkeerde kant op. De draaicirkel van de Vega is te groot om een kort rondje te maken, dus ik brullen dat het anker weer overboord moet. Net op tijd, dan maar met de motor. We motoren naar dieper water en hijsen de fok. Na tien minuten ratel ratel ratel, "wat de fuck?". Paul het anker is overboord. Terwijl ik naar voren ren en de ketting grijp, legt Laure de boot stil. Het zeil klappert en de schoot slaat mijn bril van mijn kop, zo de rivier in. Het anker trek ik weer aan boord en borg het, dat was Laure "oeps" vergeten! Ik vloek behoorlijk. We zeilen de rivier af naar zee, maar de wind 7 bft, waait uit het Noordwesten. Vandaag vertrekken is gevaarlijk. We gaan op zoek naar een rustig ankerplekje, maar dat valt niet mee. De rivier is nergens rustig, pas na 15 mijl achter een zandbank kunnen we relaxen.

[Top]
 

1 februari 2007

Vandaag nog steeds te veel wind, grappig eigenlijk, een maand rustig weer en de dag dat je wilt vertrekken, gaat het blazen. We besluiten nog wat te klussen en schrobben nogmaals het onderwaterschip.

 

2 februari

Vertrek, we varen richting zee in de hoop dat deze wat kalmer is. Het is oké, maar de wind gaat liggen tussen de zandbanken, ongelooflijk. We motoren naar buiten met een marinefregat voor en achter ons. Eenmaal bij de laatste boei kunnen we het zeil weer hijsen. Als we eenmaal diep water onder de kiel hebben slaken we een zucht, eindelijk weer veilig op de oceaan!

 
no wind delphins

 

3 - 24 februari

De overtocht was niet naar verwachting, we hadden gehoopt op lekker racen door de beide passaten, ruim met de Noordoost en half met de Zuidoost, met een beetje dobberen in het midden (de doldrums) en veel vissen. Het verliep allemaal wat anders. De eerste drie dagen weinig wind. Eenmaal verwijderd van het Afrikaanse continent zet de passaat door en klokken we de eerste passaatdag 140 mijl. De dag erna breekt het roer af van de Navik en verdwijnt in de diepte van de oceaan. Dat is klote, echt klote. Gelukkig heb ik een reserve. We monteren het en gaan weer slapen. De volgende dag breekt het aluminium bracket en nu is de Navik onbruikbaar. Ook dit onderdeel heb ik in reserve, maar om het te monteren, moet het hele apparaat eraf. De zee is veel te ruw om dat te doen, dus zit er niets anders op dan met de hand te sturen tot we een kalme zee krijgen, waarschijnlijk pas in de doldrums. Vijf dagen sturen we uiteindelijk met de hand: twee uur op, twee uur af. Erg vermoeiend en overdag bloedheet. We scheuren de Genua en ik ben een dag aan het stikken. De passaat stelt erg teleur. Na twee dagen weinig wind uiteindelijk een windstille dag en ik monteer de Navik boven een spiegelgladde zee. Het is erg heet en we springen om de beurt de oceaan in om af te koelen en het onderwaterschip schoon te maken. Het water is zo warm en zo helder, heerlijk. Maar het koelend effect is maar van korte duur, het is gigaheet en da's niet leuk. Om niet te verbranden moeten we onszelf helemaal inpakken wat het alleen nog heter maakt. We passeren de evenaar op Valentijnsdag en terwijl we aftellen komen er tientallen dolfijnen naar de boot en beginnen een show. Te gek.

 
Omdat we erg weinig wind hebben en voornamelijk met de spinnaker varen, sturen we alsnog de meeste tijd met de hand. Van vissen komt niets. We hebben ook veel last van de squalls, enorme regenbuien, met soms zware windstoten. In twee seconden doorweekt, overdag wel lekker, maar s'nachts niet zo. De boot is in ieder geval weer helemaal schoon. Na Afrika zat het woestijnzand in alle hoeken en gaten, nu is de boot weer wit. Als we de vijfde parallel zuid passeren, denken we dat alles achter ons is, maar dan begint het gesodemieter pas echt. Heel weinig wind en heel veel regen, we komen amper vooruit. Over de laatste 800 mijl doen we elf dagen. Het lijken soms wel elf weken. Tijdens de hele oversteek zijn we veel schepen tegen gekomen. We hebben er 58 gevinkt, maar zijn er vast een paar vergeten. Dat is drie schepen per dag! En al die verhalen van op de oceaan kom je niemand tegen, gelul dus. Eenmaal aanvaringskoers en een keer een schip dat iets te dichtbij dreigde te komen (100 m.). In beide gevallen heb ik ze opgeroepen en verlegden ze netjes hun koers, wat supergeil is natuurlijk: een gigantische tanker die even aan de kant gaat voor Rebellion. Nogmaals, AIS rules!! Toen we eindelijk de kust in zicht kregen, hing er een gigaregenwolk boven Salvador. Kregen nog een windvlaag die de zeilen bijna uit hun lijken blies en daarna viel de wind weg. Nog negen mijl te gaan. Het uitzicht is fantastisch wolkenkrabbers in een zee van groen. Laure werd erg nerveus en eiste dat ik de motor zou starten. Oke, jij je zin! We motoren de baai in en parkeren de boot in de jachthaven. We rennen naar de douche, eindelijk in Brazil!! Salvador

 

27 feb - 03 mrt

Brazilië is een gekkenhuis, dat is me wel gelijk duidelijk. De Marina ligt midden in de stad, wat zo zijn voordelen heeft. Alles in de buurt. Eerst moeten we inklaren. Gemiddeld duurt het drie dagen voordat je alle instanties hebt afgelopen. Althans dat wordt ons verteld. Met een map vol interessant uitziende paperassen beginnen we aan onze missie.

Stop 1: Policia Federal (immigratie). Twee flinke coppers zitten een soap te kijken, de airco draait op volle toeren, ze zijn heel vriendelijk en redelijk snel. Te snel eigenlijk want het is wel lekker met die airco en nu moeten we een halve kilometer in de hitte door de haven slenteren naar

Stop 2: Gezondheidsinspectie. Gelukkig stopt er een busje dat ons een lift geeft "yo Obrigado". Chaos op het kantoor, we worden in de wacht gezet en we denken hier gaan we. Maar iedereen excuseert zich voor de drukte en binnen 3 minuten komt iemand ons helpen. Ik krijg een berg papieren in de hand gedrukt, kan ik alvast beginnen. Ik begin alles in te vullen, nee geen ratten aan boord, nee niemand overleden, nee geen cholera. Oh meneer! U kunt overal nee invullen en de rest mag je overslaan. Maar waarom vul ik het dan in? Tja, regels meneer! Oké, ik zet zeventien keer mijn handtekening. En we gaan weer verder.

Stop 3: Douane. Hier komen ze mensen tekort. Niemand draagt uniform, dus je weet niet wie er werkt en wie niet, maar al snel zijn we er achter dat zij die rennen hier werken en zij die stil staan niet! Weer vele excuses. Al snel komt iemand ons helpen. Om het proces te bespoedigen, vult de medewerker alles voor me in, drukt er 20 stempels op en klaar is Kees. Het is zo grappig hier dat we nog even blijven om te kijken. Er zijn mensen die een berg papier aan het stempelen zijn. Vier stempels in een hand, tik tik tik tik, volgend blaadje, tik tik tik tik etc. etc.. Ik schat honderd stempels per minuut. Bizar, een andere medewerker zet even duizend keer zijn handtekening, bureaucratie ten top.

Stop 4
 
haven

[Top]]

Geld tappen, acht van de tien zeilers die we spreken, zijn beroofd, sommige meerdere keren. Wees dus heel voorzichtig, de straat voor de haven is vooral berucht.
De jachthaven zelf (twee steigers) wordt bewaakt door een viertal bewakers met guns, verder staat er een groot hek omheen. Neem dus nooit meer geld mee dan noodzakelijk. Geen dure camera's of sieraden etc.. Na het pinnen terug naar de boot, en hier je geld opslaan. Gezellig.
We eten in een kilo-restaurant, een soort buffet waar je betaalt per gewicht. Ook heb je restaurants waar je betaalt per bord of restaurants waar je een vast bedrag betaalt en zoveel mag eten als je wil.
Op onze steiger liggen twee identieke boten, het was me opgevallen dat daar vier lekkere chickas op wonen - geen Braziliaanse want die vallen erg tegen - maar Poolse. Effe babbelen, lang ingewikkeld verhaal dat erop neerkomt dat de bouwer twee van zijn boten tegen elkaar rond de wereld laat racen bemand door jonge vrouwen. Iedere keer komt ie even buurten, hij betaalt voor alles, en aangezien er eigenlijk helemaal niet geracet wordt, hebben ze een prachtig betaalde vakantie. We besluiten wat te gaan drinken. Terwijl we lekker kletsen in de kuip komen er vier Poolse mannen van een verderop liggende tanker langs en we besluiten met z'n allen de stad in te gaan. De volgende twee dagen feesten we tot we erbij neervallen. Wat kunnen die Polen zuipen zeg!
Ik ga op zoek naar een nieuwe bril, we vinden een straat met wel veertig opticiens (niet overdreven) en nu zien we door het bomen het bos niet meer. De pest is dat je over de prijs moet onderhandelen en daar hou ik niet van. Even snuffelen is er niet bij. Als je de ene winkel uitkomt, staan er tieners voor je klaar met een aanbieding van de concurrent. Zo worden we door een veertienjarige de ene na de andere opticien binnengesleurd.
De Poolse meiden zijn weg, ik ben een beetje treurig, Laure wat minder! We besluiten ook maar te vertrekken, maar eerst boodschappen doen. Rodriquez is een gigawinkel, waar je helaas niet alles kan krijgen. We leren al snel dat je niet op zaterdag morgen moet gaan want we staan een uur in de rij alvorens we kunnen afrekenen.
f102

4 - 6 mrt

We vertrekken een beetje laat naar Itaparica (een popi eilandje 10 mijl van Salvador) en moeten racen tegen de ondergaande zon. Met de spi op halen we het net. De ankerplaats is een verwarrende doolhof van tientallen boeien en platformen die niet op de kaart staan en nergens toe lijken te dienen. De volgende dag doen we niets dan van de ene naar de andere bekende boot peddelen en bijkletsen. Andreas ligt er ook, zijn oversteek is best goed gegaan. 's Avonds eten we bij Stefan (de Zwitser) die we kennen uit Senegal. Volgens Laure maakt hij de beste caipirinha's dus zitten we dagelijks op zijn boot of hij komt langs Rebellion met een kan. De laatste dag gaan we te voet het eiland verkennen maar helaas regent het pijpenstelen. 's Avonds eten we Paella op de boot van de Catalaanse Angel.

7 & 8 mrt

We willen rust en zeilen naar een watervalletje. Stefan is er ook en de rest kun je wel raden. Lekker trouwens zo'n zoet water douche. Als Stefan de volgende ochtend is vertrokken met z'n twintig ton Colin Archer, besluiten we een werkdag te houden. De zoutwaterpomp stinkt sinds Dakar. Iedere keer als we hem gebruiken gaan we bijna over ons nek. Ik besluit de hele voetpomp uit elkaar te halen en schoon te maken. Een boot die we kennen van de Kaap Verden had wat nieuwe slang voor ons. Ik kook de kraan uit en nu is het weer perfect.

9 -12 mrt

We varen de rivier Paraguacu op, heel mooi. We gaan er naar de versmarkt in Maragojipe en kopen weer veel te veel, maar ja met mango's voor 5 cent, wat verwacht je? We blijven nog een dagje rondhangen en dan zeilen we naar het klooster van Sao Francisco. We lopen door het dorp en krijgen een rondleiding door de ruines. Iedere steen voor dit complex is in 1600 en nogwat uit Portugal verscheept, daarna is het gebruikt en een keer vernietigd, maar we begrijpen niet alles. Hoe dan ook, ze zijn het nu aan het opknappen en willen er een hotel van maken! Tof idee, maar er is geen geld. We wensen ze sterkte want er staan alleen nog brokkelige muren.

13 - 15 mrt

Terug naar Itaparica want er is een boot gezonken en iemand vertelde dat ie misschien een Navik had. Dagje wachten want de eigenaar is er niet. De hele zeilersgemeenschap in rep en roer want er is een zwemmende dief actief. Hij heeft van bijna alle boten al gejat. Camera's, telefoons, laptops, zelfs bikini's van de waslijn. Niemand durft meer van boord. Er word een avondje wachtgelopen om hem te pakken, maar hij daagt niet op. De volgende dag besluiten de getroffen zeilers collectief naar het bureau te gaan en actie te eisen, want de politie was tot dan toe niet geïnteresseerd. En dezelfde middag word de junk ingerekend. De gezonken boot had overigens geen Navik maar een Atoms.

16 - 18 mrt

We willen wat rotsen in de rivier gaan bekijken, want ik wil klimmen. De wind houdt ermee op en we wijken uit naar het eilandje Frade. Gaan snorkelen. Tijdens de lunch pikt de wind weer op en we varen naar de rotsen. Volgende ochtend naar het strand waar ik met schoenen in de hand in een oesterschelp stap en een grote snee in mijn voet krijg. Vloeken. Klimmen kunnen we nu wel vergeten. De rots was trouwens niet fantastisch. De rest van de dag lezen en crêpes eten. De 18de terug naar Salvador.

 

18 - 22 maart

Achttien maart en we komen weer aan in Salvador, we willen ankeren om geld te besparen, maar de boten liggen zo dicht op elkaar dat is vragen om problemen, we parkeren dus in de jachthaven.
Het is vandaag mijn verjaardag en bij toeval zijn er nog twee lui jarig op de steiger. We besluiten samen te vieren, een omgekeerde bijboot dient als tafel. Iedereen is Frans en ik heb eigenlijk helemaal geen zin, excuseer mezelf na twee drankjes met smoes en ga terug naar de boot.
We zijn van plan kort te blijven. We klaren uit en halen mijn nieuwe bril op. Het laswerk is af, alleen komt Marcelo (de lokale bootwerker/manusje van alles) het op het laatste moment terugbrengen … en het blijkt niet goed te zijn, weer een dag uitstel. De computer was gecrasht en herinstalleren werkt niet, dus vinden we hier ook mannetje voor. We spreken vaste prijs af en hoeven alleen te betalen als alles werkt. Goede deal, alleen had i de hoeveelheid werk verkeerd geschat. Uiteindelijk is hij meer dan 20 uur in de weer, voor alles werkt, blijkbaar toch niet zo professional. Afijn, het laswerk is de tweede keer weer niet goed en weer een dag uitstel. Op de computer vinden we nog wat mankementen en ook die kan weer terug.
Ondertussen is Scott met de Sea Warrior aangekomen, Scott kennen we uit Las Palmas, zijn vrouw Sue en de kinderen zijn even terug naar Schotland en zullen spoedig weer komen. Een hoop bij te kletsen. Scott en Laure gaan samen shoppen, op de fiets door de verkeerschaos in Salvador, levensgevaarlijk. Ondertussen ben ik druk bezig Marcelo achter zijn broek aan te zitten en de computergast voor de dertigste keer uit te leggen dat ik echt niet meer installatie cd's heb. Laure maakt pizza's en verse passievruchtcocktail op Sea Warrior. Dan is alles klaar, althans het laswerk is slechts gedeeltelijk gelukt, scheelt dus wat poen, maar ik zal de bracket later in roestvaststaal laten maken want aluminiumlassen is mislukt. Ook de computer is klaar, nu hoeven we dus alleen nog maar met Scott uit eten en vertrekken we morgenochtend. Eerst nog even Maxsea installeren. Ik doe dit op de Nunatak, de boot van Thomas en Nadine, jong stelletje met twee kleine kinderen. Gaan ook naar het zuiden. Voor het instaleren de antivirus software uitzetten, oké …. maar waar is die eigenlijk? Zoeken, nergens, is die gast dus vergeten. GVD!! Na drie dagen stressen is het nog niet klaar. We installeren de navigatiesoftware en ik ga op zoek naar de computergast. Ik vind hem en eis dat de computer morgenochtend om zeven uur klaar is. Hij heeft echt een hekel aan mij ondertussen, maar afspraak is afspraak. Hij belooft de computer om half zes de volgende ochtend op te halen. Prima, al heb ik er weinig vertrouwen in. Terug naar de boot, Laure en Scott zitten al twee uur te wachten met een knorrende maag. Ze zien dat ik erg gestrest ben dus zeggen verder niets, erg slim. Nadine gaat ook mee. Dikke pret.

[Top]
 

23 maart

Om zes uur komt de computergast, niet slecht voor een Braziliaan. Hij pakt de computer zegt verder niets en gaat naar zijn kantoor. Ook een goede morgen!? Half negen vertrekken we, met de stroom mee varen we spoedig naar het zuiden. Ons doel is Morro de Sao Paulo, een supertoeristisch dorpje maar blijkbaar erg mooi. We ankeren in Gamboa, iets verder de rivier op. Hier liggen we wat rustiger, nuttigen een drankje op het strand en genieten van de zonsondergang.

24 maart

Over het strand lopen we naar Morro de Sao Paulo. Inderdaad heel veel toeristen maar ook wel mooi. We eten ijsjes, lezen een boek onder een palmboom en gaan snorkelen. Later bezoeken we de vuurtoren en een oud fort, dat moest beschermen tegen de Hollanders. Lopen terug naar Gamboa en eten een x-burger (spreek je uit als cheeseburger, wat het ook is). Dit is populair lokaal voedsel, eten we om de dag ofzo. Maar met fruitsap voor het gezonde, zeg maar.

25 maart

Rampdag nummer twee op deze reis, niet dat er enig gevaar was of iets kapot ging. We moesten kruisen naar het zuiden, een steile korte zee remt de boot, we maken totaal geen snelheid en dat terwijl we vorige keer zo snel gingen, zware windstoten afgewisseld met windstiltes. Vijf keer trekken we de zeilen naar beneden, omdat de boot onbestuurbaar werd. Veel regenbuien. Beide in een "bad mood", we spreken zelfs over het verkopen van de boot. We worden ingehaald door twee gigajachten, het lijkt wel of we stil staan. Halen ook de baai niet voor donker en besluiten te wachten tot de volgende dag. Dat duurt in de tropen overigens lang, om 18:00 is het donker. De nacht maakt alles goed, fantastische sterrenhemel.

26 maart

We varen met eerste licht de baai in en vinden een te gek ankerplekje. Gelegen aan eilandje enerzijds en restaurants anderzijds. Het water is erg helder voor een rivier. Zwemmen uitgebreid. Gaan op zoek naar eettent, maar de prijzen zijn idioot. Het hele dorp leeft van de paar toeristenschoeners die hier stoppen. Bij het laatste restaurant geven we het op. De eigenaar doet ons een redelijk bod. We eten alsnog, Prato Feito, dit is rijst met Feijao (bonenprut) en Carne du Sol (zongedroogd vlees). Dit is de hoofdmaaltijd hier, we eten het regelmatig, want het is lekker en vult je helemaal voor slechts twee Euro. Dit is de beste tot nu toe, we eten binnen in de keuken, want het stortregent. Typisch mooi-weer-restaurant. In de middag zitten we op ons privé eilandje onder een palmboom en lezen een boek.
f111


F115G


f112

27 maart

Vandaag schrobben we het onderwaterschip, ik klus wat en lees mijn boek uit. Laure pakt de kajak en gaat op ontdekking. Ze vindt een dorp waar ze brood verkopen en loopt naar de vuurtoren. Op de terugweg koopt ze een ijskoude fles Guarana (Braziliaanse softdrink), deze drinken we op, lekkuuuuuuuuuur.

 

28 maart

We verkassen naar ander eilandje, verder de rivier op, geen schoon water meer. Ik pak de kajak en bezoek een dorp. Hier zijn ze blijkbaar niet gewend aan gringos, iedereen staart me na maar zijn wel heel vriendelijk. Geen brood, de vrachtwagen komt om vier uur, zoveel begrijp ik nog met mijn zes woorden Portugees. Laure bezoekt een ander eiland, hier hebben ze een ezel die de hele dag rondjes loopt en fruit perst met maalmolen (of hoe dat ook heten mag). Het fruit wordt geperst voor de olie en deze wordt gebruikt voor het frituren van een acaraje. Nog zo'n populair hapje. De kust hier heet Costa Dende.

29 maart

Varen verder de rivier op naar stadje Marau, zo heet de rivier overigens ook. Hier Internet. We willen Gribfiles en mailen. Shit, de weersvoorspelling is heel slecht, geen fucking wind voor een week. Normaal gesproken wachten we dan. Maar ik moet naar Rio: hier komt Merel mij opzoeken. Ze komt over twee weken en we hebben nog 800 mijl te gaan, dit belooft wat. We eten x-burger maar die is niet lekker. De ananassap met mint is heerlijk en we nemen er twee. Brood is zo vers dat het te heet is om vast te pakken! 's Avonds filmpie huren, de gekopieerde Dvd's werken niet op de laptop, originele hebben ze niet. Dus tik ik dit verhaal maar, ik word steeds luier wat verhaaltjes schrijven betreft.
 

30 maart

Complete relaxdag. We gaan naar de markt en doen nog wat Internet, kletsen bijna twee uur met de Franse eigenaar van een van de megajachten die ons eerder passeerde. Hij vindt mijn boot erg mooi! Ruilen? Hihihihi (betekent Nee!). Er gaan allemaal wilde verhalen rond over een man aan de overkant van de rivier: hij spreekt allerlei talen, is zelf Spaans en getrouwd met Argentijnse, heeft een groot stuk land met meerdere fantastische huizen en een zwembad met natuurlijk bronwater. Nou da's vet, die ga ik even opzoeken. Ik spring in de kajak en peddel naar de overkant. Hier aangekomen zie ik een man, een van de bedienden neem ik aan, een kano schilderen. Ik trek mijn kano op het droge en er komen vijf wild uitziende honden op me af rennen. De bediende scheldt ze uit. Ik vraag naar de eigenaar, hij is de eigenaar, zoveel begrijp ik nog want hij spreekt dus helemaal geen Engels en Frans. Hij komt zelf uit Peru (niet uit Spanje) en zijn vrouw heeft hem verlaten. Ik vertel hem dat ik over een paar jaar ook mijn eigen huis wil bouwen en vraag of ik zijn creaties mag zien. Ik volg hem door het bos. De huizen zijn half open hutjes, zonder enig comfort. Hij is redelijk zelfvoorzienend want er groeit van alles. Het water in het zwembad is bijna zwart. Maar het idee is leuk. Als de mensen aan de overkant eens wisten hoe het hier echt is, zal zijn status snel dalen. Met de kajak vol kokosnoten en ander exotisch fruit ga ik weer pleite, ook geeft hij me twee avocado's mee. Ik geloof hem niet want die krengen zijn zo groot als voetballen. Het blijken wel avocado's te zijn, voorlopig eten we dus guacamole. Super lekker en simpel met brood.

31 maart

We pakken vroeg de stroom mee naar beneden, terug naar Ilha do Goia. We lunchen met twee Fransozen en prepareren de boot voor de reis naar het zuiden. Ik verzuip bijna terwijl ik tegen de stroom in naar de boot terugzwem (1 meter p.m.). Laure ligt op het strand krom van het lachen. Ze vindt mij buitengewoon eigenwijs, zelf kruipt ze door de bush en laat zich met de stroom mee naar de boot drijven. Liever uitgeput dan doornen in mijn blote voeten! Jaja.

 

[Top]
 

vervolg apr - jun 2007

 Laatst bijgewerkt op 15 augustus 2008